Advocatuur gedraagt zich als monopolist
Advocaten zijn duur, hun tarieven zijn intransparant en ze blokkeren meer concurrentie. De nieuwe Advocatenwet, die het ministerie van Justitie in voorbereiding heeft, verandert daar niets aan. Dat zegt professor Marc Loth, decaan van de rechtenfaculteit van de Erasmus Universiteit Rotterdam, in gesprek met deze krant.
Loth had zitting in de commissie Van Wijmen die Justitie heeft geadviseerd over de wet. Hij beschuldigt de Orde van Advocaten ervan de markt voor juridische dienstverlening af te schermen met oneigenlijke argumenten. ‘Iedere keer wekt de Orde van Advocaten de schijn vooral voor zichzelf op te komen, in plaats van in het publieke belang. Hier in Nederland is het toezicht op de advocatuur ondergebracht bij de Orde, die alle andere juridische dienstverleners buiten de markt houdt, op basis van het argument dat dat in het algemeen belang is. Dit lijkt op het gedrag van een monopolist.’
De Rotterdamse hoogleraar pleit ervoor dat andere juridische dienstverleners gemakkelijker toegang krijgen tot de markt. ‘Het ligt in de rede te veronderstellen dat de prijs met meer concurrentie omlaag kan’, zegt Loth. Willem Bekkers, deken van de Orde van Advocaten, is het niet met Loth eens: ‘Er zijn in Nederland 15.000 advocaten, de keuze voor het publiek is enorm. Ook de prijzen zijn heel verschillend.’ Met het systeem is niets mis, vindt Bekkers. ‘Dat is breed gedragen en moet zo blijven.’
Advocaten, pas op voor deze man
Advocaten zijn duur en ze blokkeren concurrentie, vindt professor Marc Loth, decaan van de rechtenfaculteit van de Erasmus Universiteit. ‘Dit lijkt op monopolistengedrag.’
Juridisch advies inwinnen in Nederland is niet iets waar veel mensen naar uitkijken. Want iedereen weet dat zo gauw je een voet over de drempel van een advocaat zet, de teller gaat lopen. Een advocaat van een gemiddeld kantoor kost rond de 200 euro per uur, waardoor de kosten van een adviesje over garantie op de nieuwe auto niet kinderachtig zijn.
Wie dan toch besluit dat juridische hulp de moeite waard is, gaat uit winkelen zonder veel zicht op tarieven of alternatieven voor de advocatuur.
Op dit moment werkt het ministerie van Justitie aan voltooiing van de nieuwe Advocatenwet. Als deskundige mocht Marc Loth, decaan van de rechtenfaculteit van de Erasmus Universiteit, adviseren over de wet. Maar tot zijn spijt constateert hij dat de wet niet ver genoeg gaat. Volgens Loth – ‘de radicale professor uit Rotterdam’, zoals hij zichzelf noemt met een knipoog – blijft de markt voor juridische dienstverlening afgeschermd, en slecht toegankelijk voor andere beroepsgroepen dan advocaten, met als gevolg te hoge tarieven.
Loth betreurt het dat de staatssecretaris van Justitie Nebahat Albayrak haar oren laat hangen naar de advocatuur, verenigd in de Orde van Advocaten. Deze club stelt zelf de regels voor de beroepsgroep vast en ziet daarop toe. En dat willen ze zo houden ook met het oog op hun onafhankelijkheid.
Wat is er mis met de juridische dienstverlening?
‘Voor problemen met een middenklasse auto ben je gek als je naar een advocaat gaat. Te duur. Als je armlastig bent, krijg je hulp; als je rijk bent zijn de kosten geen probleem, maar daartussen is het lastig, want lang niet iedereen heeft een rechtsbijstandsverzekering. De bureaus voor rechtshulp zijn afgeschaft, er zijn alleen een paar wetswinkels. De markt voor juridische dienstverlening is dus niet goed ontwikkeld. Maar het gaat me niet alleen om de hoogte van de prijzen, neem nou eens de transparantie. Die is ver te zoeken. Weet jij als je een advocatenkantoor zoekt, wat het kost? Kun jij dat op internet vinden?’
U beschuldigt de Orde van Advocaten van monopolistengedrag. Waarom?
‘Iedere keer wekt de Orde de schijn vooral voor zichzelf op te komen, in plaats van in het publieke belang. De Orde wil bijvoorbeeld niet dat de kernwaarde van het ‘publieke belang’ in de wet wordt vastgelegd. Dat betekent dat de regels die de Orde maakt, daar niet aan getoetst kunnen worden. Ik vind het nogal schunnig om dat te bepleiten. Het geeft aan dat er een constitutionele weeffout zit in het systeem. Hier in Nederland is het toezicht ondergebracht bij de Orde, die alle andere juridische dienstverleners buiten de markt houdt op basis van het argument dat dat in het algemeen belang is. Maar ja, het is ook in het algemeen belang dat er gezonde competitie is onder juridische dienstverleners en dat ook andere beroepsgroepen dan advocaten toegang krijgen tot de markt. Hier concurreren advocaten alleen met advocaten, maar niet met andere rechtshulpverleners, accountants en fiscalisten, die allemaal niet die privileges hebben.’
Welke privileges?
‘Verschoningsrecht, geheimhoudingsplicht en het procesmonopolie (alleen advocaten mogen in rechte optreden, red.); privileges bedoeld om het algemeen belang te dienen. Wanneer dat een argument wordt om anderen van de markt te weren, dan zijn die privileges concurrentievervalsend. Dat is de reden dat de Nederlandse Mededingingsautoriteit met argusogen kijkt naar het functioneren van de markt voor juridische dienstverleners. Er is Europese regelgeving die zegt dat er vrije concurrentie moet zijn, tenzij een publiek belang dat verhindert.’
De advocatuur is een met waarborgen omgeven vak, dat over het algemeen een behoorlijke kwaliteit heeft. Waarom is het in het publiek belang de markt vrij te geven?
‘Het ligt in de rede te veronderstellen dat de prijs met meer concurrentie omlaag kan. Maar ik realiseer me dat dit geen markt is als groente. Er is een zekere ongelijkheid tussen klant en dienstverlener. De klant kan wel zien of een bloemkool er goed uitziet, maar veel moeilijker wat de kwaliteit is van een advocaat. Dat betekent dat klanten voornamelijk naar prijs gaan kijken en dienstverleners vooral op prijs gaan concurreren. Dan bestaat het risico van een mechanisme wat economen een race to the bottom noemen. De kwaliteit gaat dan ook achteruit, want de klant kan de kwaliteit toch niet beoordelen. Als het gaat om deze markt moet je dus wel waarborgen inbouwen om te voorkomen dat het tot een race to the bottom leidt.’
Hoe is dat in het door u bejubelde Engelse systeem geregeld?
‘Daar is een algemene toezichthouder, die toeziet op de verschillende juridische dienstverleners als deurwaarders, rechtsbijstandjuristen en advocaten, die allemaal hun eigen beroepsverenging hebben. In Engeland zijn advocaten natuurlijk ook duur, maar er zijn ook prijsvechters die voor 25 euro kunnen adviseren over garantie op die middenklasse auto. Er is dus meer keuze voor de consument tussen verschillende soorten rechtshulpverleners, elk met zijn eigen prijsniveau. Daar zitten we natuurlijk op te wachten!’
U houdt er wel van om tegen die advocatuur aan te schoppen.
Ik put daar geen plezier uit, ik constateer een weeffout. En ik begrijp niet goed waarom. Waar zijn ze bang voor? Ze zijn de beroepsgroep met de meeste traditie, de beste mensen, ze gaan de concurrentiestrijd fluitend winnen.’
Bron: De Pers
Schrijf een reactie